Onderwijs voor iedereen

Al menig jaar heb ik ervaring op mogen doen in het Nederlandse onderwijsstelsel.
Ik heb hier een kijkje mogen nemen in verschillende lagen van ons onderwijs. Ik heb het zelf genoten, maar heb het ook zelf mogen geven. Van een school voor Voortgezet Speciaal Onderwijs tot een combinatieklas van groep één en twee.
Wat mij in al deze ervaringen is opgevallen is dat een leerkracht het vandaag de dag nauwelijks meer alleen af kan. Waarom vraagt u zich misschien af? Een klas van pak hem beet 29 leerlingen, 29 ontwikkelende breinen, 29 vragen, zijn te veel voor één leerkracht.
Het ontbreken van een onderwijsassistent,klassenhulp, etc., is een groot gemis voor het behoudt van goed onderwijs. Deze stille krachten kunnen de leerkracht ondersteunen in het beantwoorden van al deze vragen en ontwikkelingen. Mede daardoor kan de leerkracht zich beter richten op het geven en het voorbereiden van het voor ons zo belangrijke onderwijs.
De leerkracht verdrinkt vandaag de dag in de oneindige administratie, vergaderingen en onnodige rompslomp. De leerkracht werkt van ’s ochtends acht uur tot kwart over drie als de leerlingen vertrokken zijn, zou je denken. Helaas voor het onderwijs begint het ‘werk’ daarna pas. De lessen moeten voorbereid worden, de schriften moeten nagekeken, er moet vergaderd worden in verschillende vakgroepen ( bouwvergaderingen, commissievergaderingen, medezeggenschapsraad, etc.) en tot slot van rekening moet dit allemaal op papier komen of in de bekende leerlingvolgsystemen.  De focus ligt niet meer op het lesgeven, maar om het documenteren van gebeurtenissen. De leerkracht komt er nauwelijks aan toe om de lessen voor te bereiden en deze interessanter te maken voor de leerlingen. Het is ten slotte voor niemand leuk, als de les uit een boekje wordt opgerateld.  In mijn optiek een groot gemis.
Een leerkracht wordt opgeleid om goed onderwijs te verzorgen, niet om dit te formuleren.
Wanneer een leerkracht ondersteund wordt door een bekwame hulp, die de druk van bijvoorbeeld een groepje lezers, die hier moeite mee hebben, uit de klas te nemen om hen in een rustigere omgeving te begeleiden, is dit voor zowel de leerlingen als de leerkracht een win-win situatie. De leerlingen krijgen de hulp die zij nodig hebben, in een omgeving die hen meer rust geeft, hen zich meer begrepen voelen. De leerkracht heeft op zijn beurt zich te richten op de andere leerlingen. Dit kan natuurlijk ook andersom zijn, dat de leerkracht zich ontfermt over de hulpbehoevendere leerlingen.
Daarnaast kan deze ondersteuning in de klas de leerkracht ook gigantisch helpen. Het nakijken van schriften, het helpen met het invoeren van cijfers, het helpen met de voorbereidingen.
Hoe veel meer rust zou er in het onderwijs ontstaan als deze hulpkrachten weer terugkomen? Hoeveel meer hulp zou er geboden kunnen worden met deze hulpkrachten?
Nu wil ik niet zeggen dat een onderwijsassistent, klassenhulp, hulpouders dit probleem per direct verhelpen, maar het zou het onderwijs, de leerkrachten, scholen en het belangrijkst van allemaal, de leerlingen weer in de juiste richting duwen.

De juiste richting.

De richting waarin het onderwijs centraal staat.

Barry de Bruin

Leave a Comment